Jeugdzorg grijpt in bij te dikke kinderen

 
 
 
Evelien Geerings
 

13 juni 2012

Evelien Geerings

 
 
Op 7 oktober 2011 heeft de kinderrechter van de Rechtbank Utrecht drie kinderen onder toezicht gesteld van een voogd van Jeugdzorg omdat ze veel te dik zijn. Het ernstig overgewicht van de drie kinderen zou hun ontwikkeling bedreigen. In januari 2012 zijn de ouders van deze kinderen in beroep gegaan tegen deze beslissing bij het Gerechtshof in Arnhem. Het Gerechtshof Arnhem heeft in maart 2012 de uitspraak van de kinderrechter bekrachtigd. In deze zaak waren drie kinderen van 6, 11 en 13 uit hetzelfde gezin behoorlijk dik. De Raad voor de Kinderbescherming heeft onderzoek laten doen, waarbij de kinderen bij een huisarts op de weegschaal zijn gezet. De huisarts heeft geconcludeerd dat bleek dat het zesjarig kind 17 kilogram boven het gemiddelde gewicht van een zesjarig kind zat, het elfjarig kind zat gemiddeld 18 kilogram boven het gemiddelde gewicht van een elfjarige en het dertienjarige kind zat gemiddeld 51 kilogram boven het gemiddelde gewicht van een dertienjarige. De conclusie: deze kinderen lijden aan obesitas.

Naar de mening van het Hof hebben de ouders ondersteuning nodig nu zij onvoldoende motivatie en inzicht hebben om vrijwillig een langdurig traject in te gaan met de kinderen om de noodzakelijke verandering van patroon in het gezin te bewerkstelligen. Naar het oordeel van het Hof hebben de ouders onvoldoende inzicht in de problematiek laten zien. De ouders hadden weliswaar een diëtiste ingeschakeld en ze hebben de kinderen aangemeld bij sportclubs, maar daardoor zijn de kinderen niet afgevallen. Het niet adequaat (met resultaat) aanpakken van het overgewicht van de drie kinderen ziet het Hof als een bedreiging van hun gezondheid, in zowel lichamelijke als psychische zin. Het Hof oordeelt vervolgens dat de rechtbank terecht de ondertoezichtstelling heeft opgelegd.

Door deze ondertoezichtstelling wordt het gezag van de ouders deels overgenomen door een gezinsvoogd van Jeugdzorg. De kinderen blijven thuis wonen, maar de ouders moeten de aanwijzingen opvolgen van de gezinsvoogd. De maatregel van de ondertoezichtstelling is een uiterst middel. Als een probleem ernstig genoeg is en vrijwillige hulpverlening kennelijk niet werkt, kan deze maatregel worden uitgesproken. Het Hof acht een professionele en deskundige hulp bij deze ouders om het overgewicht van hun drie kinderen aan te pakken in een verplicht kader nodig.

De vraag is wat deze uitspraak teweeg zal brengen. Uit onderzoek is gebleken dat een groeiend aantal kinderen in Nederland te dik is, waarvan bijna 2% aan kinderobesitas lijdt. De vraag is of al deze kinderen straks onder toezicht worden gesteld als blijkt dat het de ouders niet lukt om ze te laten afvallen. Het aantal ondertoezichtstellingen dat wordt opgelegd zal in dat geval fors stijgen.

mw. mr. E. Geerings
advocaat