Hoge Raad verschaft toch geen duidelijkheid over de wijze van berekening voor kinderalimentatie?

 
 
 
Ghislaine van Kooten
 

2 november 2015

Ghislaine van Kooten

 
 

Dit artikel heeft betrekking op onze juridisch specialisatie:

Familie- en erfrecht

Op 9 oktober jl. gaf de Hoge Raad een langverwacht antwoord op de prejudiciĆ«le vraag die het Gerechtshof Den Haag aan hem had voorgelegd. De vraag was of bij de berekening van kinderalimentatie het door een alleenstaande ouder ontvangen kindgebonden budget, verhoogd met alleenstaande ouderkop, van de behoefte van het kind moet worden afgetrokken of dat dit moet worden betrokken bij de berekening van de draagkracht van de verzorgende ouder. De Hoge Raad bepaalde dat het laatste het geval was. Eindelijk duidelijkheid, dacht men! Deze uitspraak werd in de praktijk al snel zodanig uitgelegd dat bij het inkomen van de verzorgende ouder het kindgebonden budget werd opgeteld. Aan de hand van dat gevonden netto inkomen wordt dan een draagkracht bepaald. De kosten van de kinderen worden naar rato van de draagkracht van de beide ouders dan over de kinderen verdeeld. In de praktijk rijst echter de vraag of de Hoge Raad deze berekenmethode wel zo heeft bedoeld. Er is dus discussie ontstaan over de vraag of het kindgebonden budget, verhoogd met de alleenstaande ouderkop, nu bij het inkomen moet worden opgeteld, waarna de draagkracht wordt bepaald of dat eerst de draagkracht wordt bepaald en vervolgens het kindgebonden budget integraal bij de draagkracht wordt opgeteld. Lastige vragen en voor allebei de uitgangspunten is wel wat te zeggen. 

Maar is dat dan zo’n big deal? Ja, dat kan het zeker zijn. Een voorbeeldje. Stel dat iemand 800 euro netto salaris heeft en 400 euro kindgebonden budget. Volgens de ene benadering heeft die persoon dus eigenlijk 1200 euro inkomen; daarbij hoort een draagkracht van 25 euro (bij één kind). Als je de andere benadering neemt, is de draagkracht bij 800 euro ook 25 euro bij één kind. Daar wordt dan 400 euro bij opgeteld, aldus 425 euro. Dat is dan maar liefst een 17 (!) keer zo hoge draagkracht. Dat maakt natuurlijk veel uit voor de hoogte van de alimentatie.

Verwacht wordt dat de Expertgroep Alimentatienormen, de werkgroep die de richtlijnen voor de berekening van kinderalimentatie opstelt, medio november met nieuwe aanbevelingen komt. Hopelijk is er dan eindelijk échte duidelijkheid.

mr. S.R. (Sander) Baetens